Mark Tijsmans focust in 2007 op schrijven, solozang en... de negende van Flikken

Zijn naam klinkt als een tunnel, maar daar zit hij voor niets tussen. Op eigen conto staan: acteur, musical- en bandzanger, schrijver. 2007 wordt voor hem het jaar van de waarheid. In april verschijnt zijn tweede familieroman Wiet Waterlanders en de kleine Caroluscode en een maand later gaat hij solo als zanger. Voor de Pasmansfans: vanaf februari draagt Tijsmans weer blauw op uw scherm en ja, hij neemt op dit eigenste moment de negende reeks Flikken op. Toch bekent hij aan onze redactrice: 'Ik ben een gecontroleerd kluizenaar.'

Aan je deurbel hangt negen op tien producties. Waarom 9/10?

Mark: Omdat 10 op 10 zo perfect is. 9 op tien is fantastisch. Stel je voor dat je met tien op tien zit, dan kan er nooit iets op volgen.

En stel dat je een jobomschrijving naast je bel plakt?

Mark: Ik ben en acteur en zanger en schrijver. Artistieke duizendpoot vind ik een boeiende term. Ik heb die niet bedacht. Een mediamens noemde me ooit zo. Ik ben een acteur die beginnen zingen is en daarna beginnen schrijven. De volgorde is puur toeval. Voor hetzelfde geld was ik een schrijver geweest die was beginnen acteren en zingen. Heel mijn kindertijd lang heb ik gezongen. In twee koren. Op mijn zestiende deed ik zowel muziek als voordracht. Op een bepaald moment deed ik zo veel naschools - dictie, voordracht, toneel, muziek - dat mijn schoolwerk erbij inschoot. Op die manier heb ik mijn vierde jaar overgedaan.

Sinds wanneer schrijf je dan?

Mark: Ik schrijf gedichten en verhaaltjes sinds mijn zesde. In mijn pubertijd - de onnozele leeftijd- vond ik alles belachelijk en gooide ik alles weg. Nu heb ik daar grote spijt van.

Van wie heb je het leesvirus?

Mark: Mijn moeder las veel. En mijn ouders lazen ons voor. En op school hadden we meneer Geets. Die las elke week een uur voor uit Jan zonder Vrees, De graag van Montechristo… Avonturenverhalen, het ene boek na het andere. Sommigen vonden dat leuk omdat ze dan geen les - en leerstof - hadden. Ik vond het fijn om het voorlezen en om de verhalen. Ik las ook erg veel als kind. Niet dat ik op familiefeestjes nooit meespeelde met de andere kinderen, maar ik was toch vaak diegene die met een boekje ergens stilletjes zat. Terlouw heb ik verslonden. Evert Hartman, Anthony Horrowitz. Ik ben een grote Arthurfan. Ooit schrijf ik zelf een Arthurroman! Op sportvlak stak ik behoorlijk af tegen mijn vader en twee broers. Ik zat op atletiek. Op mijn elfde pas durfde ik te zeggen: 'Papa, ik doe dat niet graag.'

En nu loop je toch?

Mark: Ik ben daar toen jaar geleden mee begonnen, toen ik stopte met roken. Niet competitief, hoor, gewoon ter ontspanning. Ik vind lopen heerlijk. Onwaarschijnlijk hoeveel je daar kunt achterlaten en hoeveel energie je weer meeneemt. De ideeën hangen er in de lucht. Ik loop er letterlijk op.

Je eerste jeugdboek 'Het geheim van te veel torens' verscheen in april 2006. Inmiddels zit je in de zesde druk en boven 5 000 verkochte exemplaren. Precies een jaar later verschijnt 'Wiet Waterlanders', deel 1 van een trilogie. Het lijkt je menens.

Mark: Dat is ook zo. Mijn uitgeefster vroeg me bij mijn debuut: 'Mark, je boek wordt toch geen modegril, hé? Wij willen verder met jou.' Ik zei: 'Ik meen het ernstig. Ik wil elk jaar een boek uitbrengen. Ik noem het niet graag een jeugdboek. Ik noem het liever een familieboek. Omdat iedereen er kan om lachen en plezier mee kan hebben. Ik hoorde geregeld op de Boekenbeurs van (groot)ouders: 'Jammer dat het een kinderboek is, anders zou ik het ook lezen.' En dan daagde ik ze uit het toch te doen. Ik was ook geschokt toen de leraar van het eerste middelbaar bij mijn boekvoorstel 'Koning van Katoren' van Jan Terouw tegen mij zei: 'Vanaf nu hoor je echte romans te lezen'. Was 'Koning van Katoren' dan geen echte roman? Ik was compleet van de kaart. Het verschil tussen jeugdliteratuur en echte romans bestaat niet voor mij.

Je onderscheidt je nu al van andere BV's die persé een boekje willen plegen. Werkt het heersende principe 'Elke BV zijn/haar boek' niet tegen je?

Mark: Helaas is het in de mode: BV schrijft Boek. Ik wou dat al heel lang doen, maar leg dat nu maar eens uit! Op de Boekenbeurs hebben boekhandelaars me toegegeven dat ze een beoordelingsfout hadden gemaakt. Zij hadden mij debuut gezien als weer een boek van de zoveelste BV. Dat ze sorry kwamen zeggen, vond ik tof.

En vond je de vier dagen signeren ook leuk?

Mark: Heerlijk. Natuurlijk word ik herkend als Pasmans, maar ik heb al vaker gesigneerd op Flikkendagen en dat is geheel anders. Op de Boekenbeurs komen vooral geïnteresseerde lezers langs. Soms lees ik op de gezichten van die kinderen: 'Oh, nee, nu zit hij hier en ik heb mijn boek niet bij'. Dan signeer ik de bladwijzers met mijn cover en foto op, voor in het boek, en dan zie je die gezichten zo opklaren.

Heb/had je als BV-auteur geen streepje voor?

Mark: Vast wel. Het klopt dat uitgeverij Manteau mij heeft uitgenodigd, maar ik wist dat de tijd rijp was. En toevallig stond die uitgeverij bovenaan mijn verlanglijstje. Mooi dus. Ik heb eerst een synopsis uitgeschreven en heb net zo goed mijn voorstel moeten verdedigen, maar ze vonden het goed en daarna kreeg ik carte blanche.

Hoe combineer je schrijven met je ander werk?

Mark: Het denkwerk gaat de hele tijd door. Zo liep ik twee jaar geleden samen met Pascale Michiels door de opnamegang van Flikken. Ik stopte en zei: 'Pascale, nu valt mij hier een geweldig idee te binnen.' Pascale fronste de wenkbrauwen. Ik heb het geheim twee jaar moeten bewaren. In april, als het tweede boek uit is, zal ik haar kunnen zeggen: 'Dat hier, dat viel mij twee jaar geleden te binnen toen jij erbij was.

Waar en wanneer schrijf je?

Mark: Ik heb nu al twee jaar na elkaar mijn boeken geschreven tijdens de maand oktober, in een fantastisch huis in de duinen van Oostduinkerke. Ik installeer me in de woonkamer, met mijn gezicht richting duinen. Lijkt het alsof ik te midden de duinen zit te schrijven. Ik sta zelf versteld van mijn discipline. Ik heb na Mamma Mia ook bewust geen musical of ander werk meer aangenomen.

Je had voor het eerst sinds zeven jaar een kerstvakantie. En?

Mark: Fan-tas-tisch! Ik heb tv gezien. Ik vond het geweldig om 71 te zien en daarna Blokken. Twee quizzen na elkaar, dat lukt me anders nooit. Ik heb mijn huis in kerstsfeer ondergedompeld. Misschien zelfs wat overdreven, ter compensatie voor al die jaren dat het niet lukte. Ik heb ervan genoten om tussen de kerstbomen te zitten. Met Klara Continuo op de achtergrond. Of met andere muziek. Of de stilte. En ik heb drie dagen lang de laatste correcties aangebracht aan mijn nieuw boek.

Hoe vierde je kerst en co?

Mark: Reuze gezellig, lekker, leuk, met veel cadeautjes, in familiekring. Wij zijn nogal een hechte familie. Ik heb twee zussen en twee broers. Elke eerste zaterdag van de maand spreken wij af. En dan gaan we nog een keer per jaar op lang weekend. Ik kom uit een warm nest, waar de vijf 's avonds in een bed verzamelden voor e sprookjesvoorlezing van pa of ma. En o wee als onze ouders het waagden om een paragraaf over te slaan.

En toch woont die jongen uit dat warme nest nu alleen, in Merksem.

Mark: Ik ben eenzaat. Ik woon alleen en dat is een bewuste keuze. Ik ben dus niet eenzaam. Het gecontroleerde kluizenaarschap boeit me. Ik ben heel graag alleen. De gedachte van alleen in een bos wonen spreekt me aan. Ik hou ontzettend van de natuur en vaak denk ik: 'Ik wil op de buiten gaan wonen'. Maar dat heeft pas zin als je een vitesse lager kunt schakelen en voorlopig ben ik daar nog niet aan toe. Als kind kende ik de onbeschrijfelijke luxe van een eigen kamer. Oké, het was een kruipkot, het heette ook letterlijk 't klein kamerke, maar het was mijn koninkrijk. Deur dicht, privé. De ideeën die daar zijn gegroeid! Als ik speel, vraag ik ook altijd een eigen kleedkamer. Niet omdat ik een dikke nek heb, maar omdat ik dat fijn vind en nodig heb. Na de make-up wil ik me in mijn eentje kunnen opladen. Laatst veroorzaakte ik nog een misverstand bij Joop van den Ende. Ik had daar dus ook gevraagd om een eigen loge. Vreemd waren de blikken die daarop volgden. Tot iemand zie: 'Euh, in Nederland heeft alleen de koningin een eigen loge.' Dachten ze dat ik een publieksloge in het theater vroeg!

Ben je gelovig?

Mark: Ik ga niet naar de mis, maar ik ben wel katholiek opgevoed. Ik geloof dat er iets bestaat, ja. Ik wil alles en iedereen respecteren, maar in het instituut Kerk en in wat de paus verkondigt, kan ik mij niet vinden. Ik geloof wel dat er iets mysterieus, iets onbegrijpbaars boven ons staat. Ik kan het niet helemaal begrijpen, maar ik weet zeker dat het niet de bedoeling is dat we alles begrijpen. Je moet niet op alles een antwoord willen hebben.

Voel je dan iets hogers?

Mark: Ik kan dat voelen, ja. Op een keer waren we ergens in Flikken aan het draaien en ik was even gaan wandelen. Kwam daar plots out of the blue een kapelletje. Dan ga je daar binnen en onmiddellijk weet je: 'Hier is iets. Hier gebeurt iets. Contact'. En dan ga je buiten, 26 keer zo rustig. In een bos kan ik dat ook voelen. Iets. Maar het wordt nooit grijpbaar, wel bijna tastbaar.

Je straalt als je op de planken staat. Of dat nu als Harrie is in de musical Mamma Mia of als Peter Pan. Wat doen de planken, met jou?

Mark: Ik heb nog nooit drugs genomen. Misschien is het dat wel wat ik voel, als ik het podium opkom. De adrenaline. Op het podium staan is verschrikkelijk leuk en verslavend. Het genot te kunnen spelen. Weet je wat het podium doet? Het neemt je tandpijn weg. Je gaat het podium op met tandpijn en van zodra je er staat is die weg. Als je het weer afwandelt, is die pijn terug.

En die pijn van een scheiding?

Mark: Je bedoelt of Flo (de Franse danser Florian Boutonnier) en ik uit elkaar zijn? Dat is oud nieuws, hoor. Drie maanden geleden beseften we dat we eigenlijk gewoon goede vrienden waren geworden. Dat zijn we nog steeds. Zei ik al dat ik in mei solo ga zingen onder mijn eigen naam?

Zonder Ketnetband?

Mark: De Ketnetband was leuk, en ik vind het heerlijk om in musicals te zingen, maar ik ga nu solo. Met muzikanten, dat wel, ik zoek ze momenteel uit. Ik maak een show voor binnen en voor buiten. Er zit humor in en het geschreven woord. Ik zing zelfgeschreven popnummers in het Nederlands onder mijn eigen naam. Af en toe zal daar wel eens een cover tussenzitten, maar dan niet klakkeloos overgenomen. Ik wil het ineens goed doen. Noem het een onemanshow, maar denk niet aan stand-up-comedy.

Wordt die solotour dan met het schrijven je topprioriteit in 2007?

Mark: Zeker. Schrijven en zingen komen volledig uit mezelf. Daar zit veel meer eer aan dan aan uitvoeren. Let wel, ik ben dolblij met de vast baan bij Flikken. Dat is werkelijk een zegen. Overigens is werken bij Erwin Provoost sowieso een zegen. Alles is zo goed voorbereid en geregeld! Flikken is een job zonder zorgen. Al mijn hobby's zijn beroep geworden. Dat wil dus zeggen dat ik geen hobby's meer heb. En het ene doe ik ter ontspanning naast het andere. Flikken is mijn ontspanning na het schrijven. Acteren doe ik gewoon erg graag. En ik moet ook denken aan de periode na Flikken.

Je neemt momenteel de negende reeks op. Er komt vast een tiende?

Mark: Ik vermoed het. Zoals wij bij de zevende dachten dat er een achtste zou komen en bij de achtste een negende. Maar misschien houdt het op bij tien, wie weet. Zoals ik me met mijn schrijven richt op de lange termijn, zo zie ik mijn solozangcarrière ook als een investering voor de toekomst.

Je werkt graag met kinderen. Van Ketnet over theaterworkshops en Peter Pan tot je boeken. Wil je zelf kinderen?

Mark: Ik denk van wel. Het lijkt me geweldig om 's avonds je klein mannen in bed te stoppen en niet alleen verhaaltjes voor te lezen, maar er ter plekke nieuwe voor hen te verzinnen. Dat je dan een figuurtje verzint zoals Pipi Langkous. Ik zal het wel zwaar geromantiseerd zien, maar ja, kinderen hebben lijkt me wel fijn. Momenteel kan ik zeer goed bij mijn neefjes den toffe uithangen. Het is zo leuk om met kinderen te werken, omdat zij zo spontaan zijn. Met Peter Pan hebben Karen Deruwe en ik op de grond gelegen van het lachen.

Ouders die je op Flikken- en Boekenbeursdagen zien, overrompelen je vast ook met vragen voor of over de kinderen. Wat is de meest gestelde?

Mark: 'Wat moet mijn zoon of dochter doen om beroemd te worden?' Alsof beroemd worden op zich het doel is. Ik antwoord dan met een tegenvraag: 'Wat doen ze graag?' Dat beroemd zijn is een bijkomende factor, toch? Zoals een Chinees gezegde zegt: 'Pas op met wat je wenst. Voor je het weet, kan je het hebben.'

Bron: Gazet van Antwerpen (13 januari 2007)